Aan het Volk van Nederland

Inv.nr. 6344, (10 oktober 1781 en 29 september 1781)

Missive van de ed. mogende h. heeren burgemeesteren en raad in Groningen aan den ambtman van het Kleij Oldambt.

Copia.

Edele, erentfeste, wijze, zeer voorsiene heer.

Op gisteren bij ons zijnde ontvangen eene missive van de heeren gedeputde. staaten deezer provincie, bij dewelke aan ons overzenden copie van een brief van zijne doorl. hoogheid den heere erfstadhouder, bij welke hoogst deselve versoekt, dat de publicatie van zeeker fameus libel, uitgekoomen onder den naam Aan het volk van Neerland, door alle moogelijke middelen ten aller spoedigste werde gepraevenieert.

Opdat wij daar omtrent zodane mesures zouden neemen, dat aan de ernstige begeerte van zijn doorl. hoogheid werde voldaan.

Zo is 't dat wij na gehoort rapport van de heeren onze gecommden. mede hebben goed gevonden u ed. erentfeste aan te schrijven om in u ed. erentfeste aanbetrouwde jurisdictie de nodige ordres te stellen, zoo onvermoedelijk het meergemelde libel aldaar mogte gevonden worden of gebragt aldaar te spargeren, hetzelve ten strengsten te beletten, en de disseminateurs in regten te vervolgen.

Zendende tot meerder narigt van u ed. erentf. copie van voornoemde missive van z. doorl. hoogh., teffens verwagtende dat, wanneer in dezen ter u ed. kennis iets mogte komen, zulks zonder tijdversuim aan ons zult bekent maaken.

Waarmede blijven u ed. erentf. in godes protectie beveelende.

Edele erentfeste, wijze, zeer voorziene heer!

U ed. erentf. goede vrienden burgemeesteren en raad in Groningen.

Groningen den 10 october 1781

(get.)

Van Sijsenvt

(lager stond)

Ter ordonntie. der h. heeren voorsz.

C. H. Gockinga

(coll. accord)

H. P. v. B. Faure, ambtman.

 

Missive van zijn doorlugtigste hoogheid de heere prince van Orange etc etc etc

Aan

Hrn. gedeput. staaten van stad en lande.

Copia copia copia.

Edele mogende heeren bijsondere goede vrinden!

Onder meenigvuldige pasquillen, fameuse en eerrovend libellen met welken verscheide onrustige geesten, waare pesten van de menschelijke saemenleving, zeedert een geruimen tijd getragt hebben de leeden der hooge regeering van dit gemeene best en aan dere voornaamt persoonen bij de natie hatelijk en veragt te maaken en het zaad van tweedragt, mistrouwen, ongenoegen en seditie te verspreiden, verdient onzes bedunkens een bijzondere aandagt, zeeker geschrift, hetwelk deezer daagen in druk uitgekomen is, onder de titel Aan het volk van Neederland.

Als behelsende (behalven een groot aantaal quadaardige en lasterlijke imputatien teegens onze persoon, teegens die van onze hoog geeerde ouders, en tegens de heere princen van Orange Willem de Eerste, Maurits Fredrik Hendrik Willem de Tweede en Willem de Derde, onze voorzaten) de oproerigste pogingen tot subversie niet alleen van de teegenwoordige form van gouvernement, maar zelfs om in plaatse van de staats regeering, die daarbij insgelijks op het haatelijkste word afgeschildert, eene democratie te introduceren, en dus doende de republijk te doen vervallen tot een complete anarchie.

Welke nog oneindig vermeerderen en vergrooten zoude, de gevaaren waaraan het lieve vaderland, door een buitenlandse oorlog, gevoegt bij inwendige tweespalt, en oneensgezindheid van nu of aan geexponeert is.

Wij zouden derhalven aan pligtversuim schuldig maaken, indien wij niet aanwenden, al wat in ons vermoogen is, om den verdere voortgang te stuiten van een kwaad, hetwelk geen andere gevolgen kan hebben (zo god het niet genadiglijk verhoed) dan de volslaagen ruine van een gemeenebest, aan hetwelk wij, door geboorte, door belang, door eed en pligt, door liefde en in een woord door alle die banden welke een land aan iemand dierbaar maeken konnen, op het nauwste verbonden zijn.

En het is uit die overweeging, dat wij geoordeelt hebben, bij absentie van de heeren staaten van uwer ed. mog. provintie, aan u ed mog. op het instantelijkste te moeten versoeken, om de verdere publicatie van het bovengemelde geschrift door alle mogelijke middelen ten allerspoedigste te praevenieeren en de noodige ordres te stellen, dat op den autheur van dat eerrovend en allezints gevaarlijk stuk naukeuriglijk geinquireert en tegens hem ondekt zijnde, geprocedeert worde, als teegens iemand die de gronden van de regeering deezer republijcq en de souvereiniteit zelfs der heeren staaten door eene algemeene seditie tragt omver te stooten.

Wij versoeken uwe ed. mog. ons wel te willen informeren van de middelen welken uwe ed. mog. tot bereiking van dat oogmerk zullen hebben in het werk gestelt, en van de ondekkingen die dezelve ten gevolgen zoude moogen hebben.

Waarmede.

Edele mogende heeren bijsondere goede vrienden wij u ed. mog. beveelen in gods heilige protectie.

In 's Gravenhagen den 29 september 1781.

Uwer ed. mog. dienstwillige goede vrind.

(was get.)

W. pr. van Orange

Ter ordonnantie van zijn hoogheid

(was get.)

J. B. de Larreij

coll. accord

R. B. Gockinga, secrett.

coll. accord

C. H. Gockinga, secrett.

coll. accord.

H. P. v. B. Faure, ambtman.

Inv.nr. 6344, (31 december 1782)

Bij mij ambtman zijnde ontfangen een missive van de h. hrn. burgemrn. en raad in Groningen, waarbij een in copia van h. h. mog. was overgelegt, zijnde de missive van burgemr. en raad van volgende inhoud.

Edele, ernfeste, wijze, zeer voorzienige heer.

Den 23e dezer bij ons zijnde ontvangen een missive van de hrn. gedep. staaten deezer provincie, bij dewelke aan ons overzenden een missive van h. h. mog., houdende verzoek om de publicatie van zeekere lasterschrift uitgekomen onder de naam briev over de waare oorzaak van 's lands ongeval gevonden tussen Utregt en Amersfoort door alle moogelijke middelen ter allerspoedigsten werde gepraevenieert, opdat wij daar omtrent zodane mesures zouden neemen, dat aan de ernstige begeerte van h. h. mog. werde voldaan.

Zo is 't dat wij hebben goedgevonden u ed. ernf. aan te schrijven, om in u ed. erentf. aanbetrouwde jurisdictie de nodige orders te stellen, zoo onvermoedelijk het meergem. libel aldaar mogte worden of aldaar getragt te spargeren, hetzelve ten strengsten te beletten en de dissemenateurs in regten te vervolgen.

Zendende tot meerdere narigt aan u ed. erentf. copie van voorn. missive van h. h. mog., teffens verwagtende dat, wanneer in dezen ter u ed. erentf. kennis iets mogte koomen, zulks zonder tijd versuim aan ons zult bekent maaken.

Waarmede blijven u ed. erentf. in godes protectie bevelende.

Ed. erentf. wijze zeer voorzienige heer.

U ed erentf. goede vrienden burgemrn. en raad in Groningen.

Groningen, den 30 december 1782.

(get.)

J. van Hoornvt.

(lager stond)

Ter ordonntie. der h. hrn. voorz.

(get.)

W. Cranssen, secret.

(coll. acc.)

H. P. v. B. Faure, ambtman.

 

Inv.nr. 6344, (2 januari 1783)

Nademaal de heeren gedeput. staaten deezer provincie bij missive van hun hoog. mog. de hrn. staaten generaal der Vereenigde Nederlanden zijn versogt de publicatie van zeker lasterschrift, uitgekoomen onder de naam Brief over de waare oorzaak van 's lands ongeval gevonden tussen Utregt en Amersfoort, door alle moogelijke middelen ten spoedigsten te praevenieeren en door de hrn. burgemrn. en raad in Groningen mij is aangeschreeven om in mijn aanbetrouwde jurisdictie de nodige ordres te stellen, zoo onvermoedelijk het gemelte libel aldaar mogte gevonden worden.

Zoo is 't dat de wedman en verdere gerigts bedienden deezer jurisdictie op 't ernstigste bij deezen worden gelast nauwkeurig te onderzoeken of ook aldaar zodanig libel worde gevonden of getragt te spargeren. Zullende dezelve gehouden zijn hetzelve terstond op te haalen en daarvan alsmede van de persoonen, bij welker hetzelve bevonden hebben, of die het zelve mogten tragten te spargeren, direct aan 't e. e. gerigte kennis te geeven, ten einde de disseminateurs in rechten werden vervolgt.

Actum bij 't e. e. gerigte des Kleij Oldambts, den 2 janrij 1783.

(get.)

H. P. v. B. Faure, ambtman.

Inv.nr. 6344, (4 januari 1783)

Missive aan hun ed. mog. h. hrn. burgemrn. en raad in Groningen ter beantwoording van die van h. ed. mog. in dato den 31 december 1782 geprothocolleert.

Edele mogende h. hrn. burgemrn. en raad in Groningen.

Ondergeschreevene heeft de eer u ed. mog. te informeren, dat hij zig ingevolge u ed. mog. missive in dato den 30 december laastleden, waarbij een in copia van hun hoog. mog. aan de hrn. gedeput. staaten van den 17 dier selve maand was overgelegt, van zijn pligt heeft gekweeten en ten dien einde zijne gerigts wedman en verdere bedienden bij ordinatoir gelast na 't bewuste lasterschrift Brief over de waare oorzaak van 's lands ongeval, gevonden tussen Utregt en Amersfoort, onderzoek te doen en 't zelve ondekkende, zig daarvan te versekeren en verders alsmede van de persoonen waarbij 't zelve mogte zijn bevonden, of die 't getragt hadden te divulgeren, direct de ondergeschrev. te informeren, die alsdan niet in gebreeken zal blijven U ed. mog. conform derzelver ordre daarvan terstond kennis te geeven.

Hiermede vermeent de ondergeschr. aan de welmeninge van u ed. mog. te hebben voldaan en na u ed. mog. in de bescherming des allerhoogste te hebben aanbevoolen, heeft de eer zig met verschuldigde eerbied te noemen.

Edele mogende h. hrn. burgemrn. en raad in Groningen

U ed. mog. gehoorz. dienaar

Termunten den 4 janrij 1783

(get.)

H. P. v. B. Faure, ambtman.

Copyright © 1995-2020 J.G. Boerema

Startpagina  -  Duurswold  -  Genealogie  -  Bronbewerkingen  -  Transcript  -  Privacy Beleid  -  E-mail